Sterftecijfers als keuze-informatie, wat heeft de patiënt eraan?

 in Blog

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) ziet graag dat de sterftecijfers van ziekenhuizen (SMR’s) op eenduidige wijze transparant en vergelijkbaar worden gemaakt voor de consument. Sinds 2014 zijn ziekenhuizen verplicht om hun sterftecijfers openbaar te maken. Maar moet de patiënt eigenlijk wel met deze getallen geconfronteerd worden?

Wie zoekt naar een geschikte behandelaar voor diabetes, zal niet als eerste op zoek gaan naar het sterftecijfer voor diabetes met complicaties in het betreffende ziekenhuis. En wie in de verkennende fase zit voor een behandeling voor borstkanker wil misschien überhaupt niets lezen over sterfte.

Ongewenste neveneffecten

SMR-data zijn er in de eerste plaats voor het ziekenhuis zelf. Wanneer er goed en eenduidig geregistreerd wordt – iets wat nu nog niet altijd het geval is – bieden de uitkomsten aanknopingspunten voor ziekenhuizen om hun zorg verder te verbeteren. Maar belangrijker is dat de indicator nu nog te veel ruimte laat voor ongewenste neveneffecten.  Ziekenhuizen kunnen de ligduur van een patiënt expres kort houden, waardoor de verwachte sterfte niet plaatsvindt in het ziekenhuis zelf, maar pas na ontslag uit het ziekenhuis in een hospice of verpleeghuis. Dat vertekent de cijfers en pleit ervoor om de sterfte buiten het ziekenhuis mee te nemen in de cijfers.

Wanneer het veld zelf nog de nodige problemen heeft met de registratie en interpretatie van de cijfers, moet je dit cijfer niet zonder meer bij de patiënt neerleggen en verwachten dat hij hiermee uit de voeten kan bij de keuze voor een ziekenhuis of behandelaar. Daar loopt de wens van de NZa niet synchroon met de praktijk.

Weten wat je meet

De oplossing ligt volgens mij in de indicator zelf. Niet het meten omdat het nu eenmaal moet, maar kritisch kijken naar wat je meet en voor wie de uitkomsten van waarde zijn, is belangrijk voor de verbetering van een indicator. Zo krijg je uiteindelijk de juiste informatie voor de juiste doelgroep. Openbaarmaking van de cijfers is zeker een goede zaak, maar het doel voor gebruik moet helder zijn. Een sterftecijfer blijkt niet zonder meer geschikt als keuze-informatie, maar biedt wel waardevolle informatie voor een ziekenhuis zelf. De cijfers geven goede aanknopingspunten om in te zoomen op de reden van de verschillen en uitschieters. Ziekenhuizen kunnen zich betrouwbaar vergelijken met andere ziekenhuizen en intern hun zorg verder verbeteren. Ook kunnen de sterftecijfers als één van de aandoeningsspecifieke indicatoren meegenomen worden in kwaliteitsoordelen. En zo profiteert uiteindelijk de patiënt toch van de transparantie en eenduidige registratie. Een patiënt is namelijk niet gebaat bij een lastig te duiden cijfer in een zorgzoeker, maar wel bij het krijgen van de best mogelijke zorg.

 

Annique_kleinAnnique van de Lindeloof
Projectleider Zorginhoud bij MediQuest, stimuleert het gebruik van indicatoren als kwaliteitsinformatie

 “Ik vind het jammer als indicatoren afgedaan worden als nutteloze cijfers die je nu eenmaal moet verzamelen. Ik hoop dat de doorontwikkeling ervan de komende jaren nog verder opgepakt wordt, zodat de energie die gestoken wordt in het registeren en meten ook een beter inzicht en concrete verbeterpunten oplevert.”

Dit zou u ook kunnen interesseren